Euro NCAP-sterren zijn voor autofabrikanten niet langer van strategisch belang. Dat zegt Arnaud Belloni, de nieuwe topman van Fiat, in een interview. Volgens Belloni begrijpen klanten het systeem niet meer en laten fabrikanten hun strategie er al lang niet meer door bepalen.
«Euro NCAP bestaat, maar klanten snappen het niet meer», aldus Belloni. «Ze zijn volledig de weg kwijt, en dat komt doordat Euro NCAP elke twee jaar de regels verandert. Een auto die een paar jaar geleden vijf sterren haalde, zakt dan naar drie sterren, en daarna naar twee.»
Belloni werkt 35 jaar in de auto-industrie en zag het veiligheidsprogramma vanaf het begin. «Heel weinig fabrikanten nemen het echt serieus», stelt hij. «Ze baseren hun strategie niet op je ranking. Klanten weten het niet omdat ze het niet meer volgen, dus het is niet belangrijk.»
De uitspraken komen op een moment dat Fiat werkt aan een nieuwe instap-EV. Die moet voldoen aan de Europese E-Car-regels voor betaalbare elektrische auto's. Om de kosten te drukken, kunnen zulke modellen met minder veiligheids- en semi-autonome rijhulpsystemen worden uitgerust. Dat leidt waarschijnlijk tot lagere scores in de Europese crashtests.
Gevraagd of een instap-EV betekent dat Fiat een lagere Euro NCAP-score accepteert, antwoordt Belloni dat klanten vertrouwen op de inherente veiligheid van nieuwe auto's. «Iedereen is slim. Een consument is slim, en er zijn overal regels die je leven dagelijks bepalen», zegt hij. «Mensen begrijpen dat fabrikanten hun best doen om de veiligheid aan boord te verbeteren of de CO2-uitstoot te verlagen. Deze industrie is de afgelopen 30 jaar meer geëvolueerd dan welke andere sector dan ook, en dat beseffen klanten.»
Euro NCAP is het Europese onafhankelijke veiligheidskeurmerk dat nieuwe auto's beoordeelt op botsveiligheid en rijhulpsystemen. Het programma wordt periodiek aangescherpt, waardoor eerder behaalde sterren niet automatisch geldig blijven. Voor fabrikanten betekent dat een voortdurende investering in veiligheidstechnologie om hun scores op peil te houden.
Belloni's opmerkingen raken aan een bredere discussie in de sector: wegen de kosten van extra veiligheidsvoorzieningen op tegen de baten als klanten de sterren toch niet meer begrijpen? Voor een merk als Fiat, dat zich richt op betaalbare mobiliteit, is die afweging extra relevant. De nieuwe instap-EV moet concurreren op prijs, en elke euro die aan veiligheidssystemen wordt besteed, kan niet aan accucapaciteit of laadsnelheid worden besteed.
Of Belloni's analyse klopt, is de vraag. Euro NCAP-scores blijven voor veel kopers een bekend baken, en verzekeraars en leasemaatschappijen kijken er nog altijd naar. Maar de Fiat-topman wijst erop dat de wirwar aan regels en periodieke herzieningen het signaal vertroebelen. «Wat een vijfsterrenauto was, wordt een driesterrenauto, en dan een tweesterrenauto», herhaalt hij. «Klanten raken de weg kwijt.»
Voor de Nederlandse markt is dat relevant. Kopers van een nieuwe auto wegen veiligheid mee, maar laten zich in de praktijk ook leiden door prijs, bijtelling en restwaarde. Als fabrikanten minder waarde hechten aan Euro NCAP, kan dat op termijn doorwerken in het aanbod van betaalbare modellen. Fiat lijkt met zijn instap-EV in te zetten op die prijsbewuste koper, ook als dat ten koste gaat van de sterren op de voorruit.
2