De opmars van geavanceerde rijhulpsystemen (ADAS) in moderne auto's valt samen met een duidelijke verslechtering van het Nederlandse verkeersbeeld. Dat stelt een ervaren weggebruiker in een analyse van het rijgedrag op de snelweg. Vooral adaptieve cruisecontrol (ACC) zou in de praktijk fungeren als een gewillige medeplichtige van de onoplettende of gemakzuchtige automobilist, met als gevolg meer onnodige remacties, minder rechts rijden en een stroperiger wordende middenbaan.

De auteur, die naar eigen zeggen veel zakelijke kilometers maakt, constateert dat minstens een op de drie medeweggebruikers rijdt op een manier die hij niet begrijpt. Hij noemt onder meer de «middenbaanzombies», automobilisten die onnodig uiterst links blijven rijden, mensen die keer op keer remmen zonder aanleiding, en bestuurders die bijna stilstaan voor een lege rotonde en daarbij ook nog eens geen richting aangeven. Volgens hem zijn de oorzaken al oud: onzekerheid, afleiding, luiheid of simpelweg asociaal gedrag. Maar waar vroeger alleen de menselijke tekortkoming speelde, is er nu een technologische factor bijgekomen die dit gedrag actief ondersteunt.

De Europese Unie verplicht inmiddels een reeks assistentiesystemen in nieuwe auto's. Systemen die de bestuurder helpen binnen de lijnen te blijven, de afstand tot de voorligger bewaken en in sommige gevallen zelfs zelfstandig van rijstrook kunnen wisselen. Voor de lette, betrokken automobilist zijn het hulpmiddelen. Voor de onverschillige bestuurder zijn het een excuus om de aandacht te laten verslappen. Het irritante piepje dat klinkt wanneer de handen niet aan het stuur zitten, weegt volgens de analyse niet op tegen het gemak van niet zelf hoeven nadenken over positie, snelheid en afstand.

De grootste boosdoener is volgens de analyse echter de adaptieve cruisecontrol. Op een drukke Nederlandse snelweg met drie of meer rijstroken werkt het systeem dramatisch slecht voor de doorstroming. De meeste auto's houden een veel te grote afstand tot de voorligger aan. Bij langzaam rijdend verkeer, bijvoorbeeld vrachtwagens op de rechterrijstrook, wil de ACC-auto al veel te vroeg naar links. Het gevolg is dat er onnodig veel ruimte op rechts blijft liggen. Steeds meer bestuurders lijken daarom zelfs helemaal nooit meer rechts te rijden. De middenbaan raakt voller, het verkeer wordt stroperiger en de neiging om nog verder naar links op te schuiven neemt toe.

Wie de ACC vervolgens «braaf» op 95 kilometer per uur instelt, blijft rustig op de linkerrijstrook hangen als een rijdende blokkade. Dat beeld is herkenbaar voor iedereen die dagelijks op de Nederlandse snelwegen rijdt. De fileproblematiek wordt zo niet alleen veroorzaakt door drukte, maar ook door een combinatie van technologie en gedrag. De bestuurder blijft wettelijk verantwoordelijk, maar de systemen maken het maar al te makkelijk om die verantwoordelijkheid te verwaarlozen.

De conclusie van de analyse is dan ook dat meer actief rijden de enige oplossing is zolang auto's nog niet volledig zelfstandig en onderling verbonden (Connected Cars) de verkeersstroom kunnen regelen. Autorijden wordt vergeleken met een dans: de geasfalteerde dansvloer is groot genoeg, maar je moet wel op het juiste moment en in het juiste tempo je passen zetten. Tot de dag dat voertuigen echt alles van elkaar overnemen, blijven we volgens de analyse allesbehalve slim onderweg. Eerder dommer dan voorheen.

2Weergaven

Auteur

Elektrisch rijden

Eva Smit — elektrisch rijden, Rijblik.